Wat stelt al dat lawaai van LPF-ministers voor?

by Arjo Klamer
De Twentsche Courant Tubantia, 30 August 2002
cat: Europe; columns


Met hun 'lawaaierige' opmerkingen, ideeën en plannetjes baren LPF-ministers nu al wekenlang telkens weer opzien. Taboes worden doorbroken. Maar wat stelt het eigenlijk allemaal voor?

De kentering zet door. Met de LPF-mannen op het pluche verandert de politiek zichtbaar en voelbaar. Oude patronen worden doorbroken. Wat vroeger een taboe was, mag nu rustig op ministers niveau aangekaart worden. Wat Paarse ministers zorgvuldig aan maatregelen hadden geconstrueerd, wordt met een paar flinke meppen onderuitgehaald.

De oude en vertrouwde politieke commentatoren worden er onrustig van. Zo doen we het toch niet hier? Blijkbaar wel. Maar wat stelt al dat lawaai nu voor? Bepaal ik me tot economische zaken, dan heb ik al meer dan genoeg voer. Vooral de LPF-mannen Heinsbroek (Economische Zaken) en Van Eijck (staatssecretaris Financiën) doen van zich spreken.

Twee weken geleden baarde Van Eijck opzien met zijn voorstel de sommen die onder de spaarloonregelingen opgepot zijn, direct vrij te geven. Dat leek me geen gek idee. Alleen miste ik een signaal dat het belang van sparen aangaf. Deze week haalde Van Eijck weer de kranten met zijn voornemen om de vermogensrendementsheffing van Vermeend op de helling te zetten. En daar wil hij het niet bij laten. Als het aan hem ligt, vervallen allerlei bijzondere regelingen die Vermeend heeft toegelaten, om zijn belastingplan voor de 21ste eeuw erdoor te krijgen. Dat is nogal wat. Je ziet de belanghebbenden huiveren. Net als met dat spaarloon kan ik hem over die vermogensrendementsheffing geen ongelijk geven.

Zoals ik op deze plek herhaalde malen heb aangegeven, is de regeling op dit gebied merkwaardig en oneerlijk. Want wat gebeurt er nu? Verdient u met hard werken 20.000 euro dan wordt u op dat bedrag aangeslagen. Verdient u dat geld door in de hangmat te liggen, zoals mijn collega Stevens dat uitdrukt, oftewel met beleggen, dan negeert de belastingman die informatie. Hij gaat ervan uit dat u 4 percent op uw vermogen verdient en belast dat met 30 procent. (Dit komt neer op een belasting van 1,2 procent op uw vermogen.) Dat is oneerlijk. Stel dat die 20.000 euro veel meer rendement heeft opgebracht dan 4 procent, dan steekt u het meerbedrag in uw zak zonder dat de belastingman er naar taalt. Is het minder, dan zal u toch het volle pond moeten ophoesten. Eerlijker is om zowel de vermogenswinst als de verandering van het vermogen te belasten.

Word ik rijker door een stevige stijging van de aandelenkoersen, dan betaal ik extra belasting. Verlies ikl, dan mag ik een bedrag van mijn belasting aftrekken. Op deze manier worden alle inkomens eerlijk belast. Dat is nu niet het geval.

Van Eijck doet het voorkomen dat de wijziging eerlijk is omdat veel beleggers in de huidige malaise die 4 procent rendement niet halen. Die gaan dus teveel betalen. Daarentegen is de belasting heel mild in de jaren dat het goed gaat en de rendementen hoger zijn dan 4 procent.

Hoe voordelig de regeling is voor beleggers blijkt uit de grotere bereidheid van mensen om hun vermogen in Nederland vast te leggen en zich hier te laten belasten. We lopen dus het risico door eerlijk te belasten, die kapitalen weer naar het buitenland te zien vloeien. Eerlijkheid duurt het langst: laten we het daar maar op houden. Dus Van Eijck: zet door!

Ook Heinsbroek liet van zich horen. In twee maanden heeft deze minister al meer opzien gebaard dan de vorige minister in vier jaar. (Jorritsma, mocht u dat inmiddels al weer vergeten zijn). Hij intrigeert met zijn zakelijk succes uit het verleden, en nu dan als LPF-minister die zonder das eerlijk en direct zijn mening geeft. Als een ware zakenman wil hij de problemen aanpakken.

Eerst liet hij zich kennen als een voorstander van belastingverlagingen, en deze week zette hij het punt van de normen en waarden op de agenda.

'Elk product is verkoopbaar, het is maar hoe je het verpakt', schreef hij in een notitie. Veel in de notitie spreekt aan. Meer ontzag en respect voor de politie, leraren (en professoren?), en huisartsen, en een afwijzing van zwartwerken met een uitkering: het is allemaal hard nodig.

Alleen is het onzinnig om hier van een product te spreken en te denken dat je veranderingen in normen en waarden met een marketing campagne kan bewerkstelligen. Hier gaat de zakenman kort door de bocht en geeft hij aan geen flauw benul te hebben hoe waarden en normen veranderen. Daarvoor is een gemeenschapszin nodig, met de gevoelens van betrokkenheid en verantwoordelijkheid die daar bij horen. Dus, minister, laat dat gepraat over producten en marketing weg. Maar blijf het vooral hebben over het belang van waarden als respect, betrokkenheid en eerlijkheid.